maandag 28 oktober 2013

Het kan niet anders

Het kan niet anders: ik kan echt mijn mond niet langer houden over de in ons land  (en ja, zelfs in de Verenigde Naties) losgebarsten discussie over Zwarte Piet.  In de eerste plaats vraag ik mij af of de mensen bij de Verenigde Naties niet iets beters te doen hebben dan zich bezig houden met een volksfeest in de lage landen. En in de tweede plaats snap ik de ophef niet die als reactie hierop in ons kikkerland ontstaat.

Ik zou bijna zeggen: “Niet op reageren, Lena” maar ik begrijp dat het daar inmiddels te laat voor is. Een demonstratie op het malieveld in Den Haag loopt uit de hand. Alleen omdat een vrouw met een gekleurde huid de Verenigde Naties wil laten weten dat ze zich beter met de discriminatie van de Papoea’s in Nieuw-Guinea bezig kunnen houden, en daar kan ik me van harte bij aansluiten. Een stel liefhebbers van Zwarte Piet, die overigens een heel vredelievende gast is, is aan het lynchen geslagen. Met als doel???? Wie het weet, mag het zeggen. De fans van Zwarte Piet beginnen nu toch wat eng te worden, als ik bijvoorbeeld de reacties op facebook en twitter zie wanneer Anouk een opmerking plaatst. De acties worden ook vaak gestart door in mijn ogen wat dubieuze nationalistische clubjes (al valt de Pietitie daar geloof ik weer niet onder).


Ik was een voorstander van het Sinterklaasfeest en heb er nooit iets kwaads of discriminerends in gezien. Nu weet ik het niet meer. Als ik Sinterklaas vier, ben ik dan een discriminant? En wat als ik het niet vier?  Ben ik dan een slappe zak die zich door de Verenigde Naties laat koeioneren? Ontken ik het slavernijverleden van donkere mensen als ik Zwarte Piet van harte toejuich? Of ontken ik dat slavernijverleden juist als ik er een gekleurde Piet van maak? Gelukkig is het nog geen 11 november, kan ik nog even advies vragen aan die andere weldoener, Sint Maarten….. Ik wens u en mijzelf veel sterkte met het maken van de enige juiste keuze. Maar goed. Zo gaan de dingen nu eenmaal. Tot later 


Kleurt u zelf de platen even in? Wit of zwart dat maakt mij even niet uit.

dinsdag 22 oktober 2013

Sharon Dijksma

Het moge inmiddels duidelijk zijn dat de politiek niets voor mij is. Ik ben veel te veel van de details, het denken in hoofdlijnen en het implementeren van een visie voor de komende vijf of wellicht tien jaar is veel meer iets voor de beleidsmakers van ons land. Hierbij denk ik vooral aan staatssecretarissen, ministers en onze gewaardeerde parlementari├źrs. Die zich daar overigens uitstekend voor laten belonen. Wij, de burgers van dit land, mogen dan verwachten dat er een duidelijke visie is voor bijvoorbeeld de economische ontwikkelingen en de financiering van de overheid.

Onze staatssecretaris economische zaken, mevrouw Dijksma, hecht er echter aan een opvolger van de snackpaprika te verordenen. Wat dit met visie op de economie te maken heeft, is voor mij een volkomen raadsel. Het lijkt mij mooi om als priv├ępersoon een wens te hebben voor de opvolger van de snackpaprika, maar om als staatssecretaris economische zaken daar een mening over te hebben gaat wat ver. Ik zou zeggen: Sharon, houd jij je bezig met de politiek, dan houd men zich op de universiteit van Wageningen bezig met snackaardappels of snoeptomaatjes of iets dergelijks. Ik wil ook dat mijn kinderen goed te eten krijgen, maar als mijn kinderen uitgekeken zijn op de spinazie, haal ik het niet in mijn hoofd om de landbouw te vragen een groente te ontwikkelen die ze wel pruimen. Gezond eten kun je als ouder ook gewoon op tafel zetten. “Geachte heren en dames in de politiek. We maken nog een keer een afspraak: Jullie houden je bezig met de voorwaarden en de grote lijnen. En wij, de burgers van dit land, zorgen voor een goede en gerichte invulling. Zo kunnen we allemaal doen waar we goed in zijn….”
Niet meer zeuren over ouderen die moeten helpen in de zorg en de opvolgers van de snackpaprika. Dat regelen we zelf wel…..want zo gaan de dingen nu eenmaal.


Tot later 

dinsdag 15 oktober 2013

Geen vrijwilligerswerk in ruil voor zorg

Zo koppen de kranten de dag nadat onze onvolprezen staatssecretaris Martin van Rijn in de pers een ballon heeft opgelaten over de inzet van langdurig zorgbehoeftigen en ouderen in het onderwijs en in de peuterspeelzaal. U vraagt zich net als ik waarschijnlijk af: ‘Hoe had u dat bedacht, meneer van Rijn?’ Moet Tante Annie, die inmiddels de negentig nadert, door de thuiszorg maar een uurtje eerder het bed uit gehaald worden om daarna met de deeltaxi naar de peuterspeelzaal gebracht te worden om daar met de kinderen een uurtje of twee te lezen? Ik zou zeggen: een topplan. De kinderverzorgster die de peuters en baby’s een schone luier geeft, kan nadat ze dat gedaan heeft meteen een droge luier geven aan tante Annie. Op deze manier slaan we twee vliegen in een klap. Nee, wacht even… het kan effectiever. De kleuterjuf die in de zelfde straat woont als tante gaat voor school even met haar eigen kinderen bij tante langs om haar in de kleren te helpen. Zij neemt vervolgens tante mee naar school en de kinderen krijgen les van tante Annie. Leesles met een loep wel te verstaan, want tante kan het allemaal niet echt goed meer zien. De juf moet dan nog even oom Henk uit bed halen en in de kleren zetten. Oom Henk wordt op de technische school afgeleverd en geeft figuurzaagles. In dezelfde tijd tackelen we nog even het probleem van de sociale stage van de oudere leerling, want die kan op school oom Henk en tante Annie verschonen. Als ik er zo over nadenk, kan het niet beter. Bezuinigen in het onderwijs en in de zorg tegelijkertijd. En toch nog verwachten dat de kennis en de vaardigheden van de nieuw afgestudeerden er op vooruitgaan? Ik ben bang dat we dat maar moeten loslaten. Wordt het een duur jaar of niet? Ik weet het niet. Gelukkig ben ik niet verantwoordelijk voor de kostenbeheersing in de zorg of in het onderwijs. Ik weet dat het goedkoper moet. Ik weet hoe dat binnen de zorg kan, maar daarover heb ik u al eerder op de hoogte gebracht. Hoe dat moet binnen het onderwijs is een wat ingewikkelder vraag. Onderwijs zou moeten leiden tot meer kennis en inzicht. Bij onze staatssecretaris is dat in ieder geval niet zo goed gegaan. Maar goed, zo gaan de dingen nu eenmaal.