maandag 31 oktober 2016

Over de brug komen


Er zijn van die zondagen dat ik het niet kan laten om een stukje te gaan fietsen. Als ik dat dan samen met mijn lief doe, kunnen de meest verrassende dingen gebeuren. In de eerste plaats neemt zij altijd een fotocamera mee. Dat op zich is niet vreemd, maar het geeft aan dat zij, net als ik, nieuwsgierig van aard is. Zij vindt het leuk om mooie foto’s te maken van herfstige taferelen in het bos en ik vind het leuk om het gedrag en de reacties van mijn medemensen te bestuderen, zoals u weet.
Zo een dag was het gisteren. Het was een prachtige nazomerzondag. Na het maken van de verplichte foto’s met de herfsttaferelen gaan we op de terugweg even kijken bij de brug die mensen veilig van de ene naar de andere kant van de weg kan brengen. Zo niet bij mijn lief. “Ik ga die brug niet op,” is haar reactie,  “veel te hoog”. Ik wil de brug wel beklimmen en eventueel een foto maken van de weg vanaf de brug.

Onder aan de brug treffen we een echtpaar van middelbare leeftijd. Hij lijkt een jaar of 65 en zij iets jonger. Hij heeft een opdracht van de fotoclub. Hij moet het ‘over de brug komen’ vastleggen. Er worden foto’s gemaakt van mevrouw die van de brug af komt. Ook ik mag figureren. Ik loop de brug op en af. Meneer maakt foto’s en als beneden aan kom kan ik het niet laten om ook een foto van hem te maken.
Wanneer ik zwaaiend met een briefje van 10 euro van de brug af kom lopen, staart hij mij aan met een blik in zijn ogen alsof hij water ziet branden. Het is blijkbaar nooit bij hem opgekomen dat je niet alles letterlijk hoeft te nemen.

Maar goed, zo gaan de dingen nu eenmaal…..

Tot later!

maandag 12 oktober 2015

Ach, zo gaan de dingen nu eenmaal.

Vandaag heb ik vrijwel de gehele dag zitten tobben. Dat is in principe niets voor mij. En toch is het gebeurd. Ik zal het maar eerlijk zeggen, het heeft met mijn dochter en schoonzoon te maken. Gisteravond ver na tienen belde mijn dochter om advies te vragen of ze wel of niet iets op facebook zou plaatsen. Na veel wikken en wegen heeft zij besloten niet datgene te plaatsen dat ze had voorbereid, maar iets dat neutraler is of misschien toch maar niets. Ik heb er de hele dag over gedaan om uit te vinden waarom ze wel of niet iets zou kunnen plaatsen waarmee ze sommige mensen voor de schenen zou schoppen, en zo ja welke, consequenties voor haar en of haar vriend dat dan zou kunnen hebben. Hoe langer ik erover nadenk, hoe meer ik mij afvraag in wat voor een wereld we nu eigenlijk leven. Het onderwerp van haar facebookpost: een optreden van haar vriend in Oranje, u weet wel dat dorp waar zo veel asielzoekers zitten, en vooral wat dat met hem gedaan heeft. Ik ga er verder niet op in, want dat is haar afweging, maar de bredere context is hot topic op alle social media: de vluchtelingencrisis.
Moeten we ons allemaal niet afvragen wat we wel of niet op facebook plaatsen? Moeten we niet allemaal nadenken of datgene wat we publiceren niet kwetsend kan zijn voor de een of de andere bevolkingsgroep? En moeten we niet met name voorzichtig zijn met het oproepen van emoties die niet controleerbaar zijn? Of moeten we wel alles maar kunnen roepen? Moeten we op facebook kunnen zeggen dat iemand beter naar de nieuwsberichten moet luisteren? Moeten we kunnen dreigen met de meest vreselijk aandoeningen en zelfs de dood? Moeten we menselijk zijn en de vluchtelingen een fijne middag bezorgen of moeten we de vluchtende medemens met een gammel bootje weer terugsturen naar Noord-Afrika? Moeten we de bedoelingen van asielzoekers kennen (of nog erger: veroordelen) zonder dat we een van hen persoonlijk gesproken hebben? U merkt het, ik stel veel vragen. Dat doe ik niet om u in verwarring te brengen, dat doe ik omdat ik de antwoorden niet weet. Ik heb de wijsheid niet in pacht en ik kan en mag niet beschikken over het lot van één mens of van een groep medemensen. Medemenselijkheid is voor mij het sleutelwoord.
Wanneer mijn dochter moet nadenken of ze wel of geen post plaatst waarin dit onderwerp besproken wordt, vraag ik mij af of er iets fundamenteel mis is met Nederland. Wij vertrouwen niet meer op onze vrijheid van meningsuiting, wij zijn bang voor de reacties van anderen. En dat komt niet uit de lucht vallen; heel facebook staat vol ongenuanceerde, kwetsende en dreigende taal. Ik heb dit weekend nog een kennis ‘ontvriend’. Niet omdat hij een andere mening heeft dan ik, daar kan ik prima tegen. Maar als iemand meerdere malen op vrij respectloze wijze zijn mening ventileert en mij daarmee indirect typeert als (ik citeer) een moraliteitsridder die niet verder kijkt dan zijn neus lang is en waarvan hij braakneigingen krijgt, dan geloof ik niet dat hij het erg vindt dat hij uit mijn vriendenlijst is geschrapt.
Ach, zo gaan de dingen nu eenmaal.
PS, moet ik de mogelijkheid om te reageren nu uitzetten?

Tot later. 

zondag 9 augustus 2015

Van tonic tot tokaj

Zo nu en dan hebben wij een reden om eens lekker uit eten te gaan. Dit keer was de aanleiding een dubbele en we hebben dan ook gekozen voor een wat luxer restaurant en een wat uitgebreider menu. Vorig jaar hebben tijdens de Heerlijk Tiendaagse gegeten bij Librije’ s Zusje en dit jaar kiezen we voor Kaatje bij de Sluis in Blokzijl. Kaatje is een begrip in mijn familie. Mijn ouders hebben ooit een horecazaak gehad en gingen in de goede jaren geregeld ergens eten. Meestal mochten wij, de jongste drie kinderen, mee. Maar als pa en ma gingen eten bij Kaatje, gingen wij een avondje bij mijn oudste, of een na oudste zus eten. Pa en ma gingen alleen. Vaak heb ik als kind gedacht dat daar hele vreemde dingen gebeurden. Maar uiteindelijk ben ik volwassen geworden en weet ik beter.

Afijn, ik moest Esther tenminste een keertje meenemen naar Kaatje. Ter ere van haar verjaardag en omdat Kaatje een aanbieding had tijdens de Heerlijk Tiendaagse togen wij verleden week vrijdag naar Blokzijl. Bij binnenkomst stelt de gastvrouw zich aan ons voor. Wat onwennig volgen we de gastvrouw naar onze tafel die, zo hebben we uit de mailwisseling begrepen, al anderhalf uur voor ons klaar staat. De bevestigingsmail luidde namelijk “Hierbij bevestigen wij uw reservering om 19.30 uur. Uw tafel zal vanaf 18.00 uur voor u klaarstaan.”  Wij hebben een zes-gangen-verrassingsmenu geboekt. Als u straks goed meetelt komt u, net als ik, boven de zes uit. Maar een kniesoor die daar op let. Toch? Of wij een wijnarrangement willen? Natuurlijk wil ik een wijnarrangement. Esther niet. Nee, er moet iemand de BOB zijn. En ja, zelfs wanneer wij haar verjaardag vieren hoef ik niet te rijden. Soms is dat wel heel fijn. Zoals nu. Wat wij als aperitief willen? Esther kiest voor mineraalwater en ik begin alcoholvrij met een tonic.

En dan komt het: een amuse. Soepje van komkommer met een tuile met een toefje gebrande uiencrème. Ik lepel het soepje uit het glas alsof het mijn laatste avondmaal is en geniet me suf. De op de tuile geplaatste toef gebrande crème van uien vind ik iets te sterk van smaak, maar Esther is er helemaal weg van terwijl zij de komkommersoep net iets te hoog op smaak vond. Of mogen we niet te kritisch zijn? Meteen nadat dit gerechtje (of zoals mijn schoonvader neigt te zeggen: dit bekplagerijtje) op is, komt het volgende hapje. Een mousse van eieren met een tomaat-basilicum pannacotta. Nu zijn eieren en tomaten een bekende goede combinatie, maar zo lekker als nu heb ik deze combinatie niet eerder mogen proeven.

Na dit gerecht komt de eerste wijn. Een droge riesling. Ik wist niet dat een Duitse wijn zo lekker kon zijn. Maar het bijbehorende gerecht mag er ook zijn: een salade van haring en granny smith appel en mierikswortel.  Ik ervaar het alsof er een engel over mijn tong piest. Esther vindt de mierikswortel te overheersend.  Zo zie je maar dat smaken kunnen verschillen. Het volgende gerecht blaast ons beiden van de stoel. Gevogeltepaté met ganzenborst, gecaramelliseerde walnoot en een kaasbolletje. Dit, gecombineerd met een witte wijn waar ik de naam en of de herkomst niet meer weet, is werkelijk een feestje in onze monden. U moet namelijk weten dat er bij dit gerecht ook wilde perzik en een crème van perzik geserveerd wordt. Esther heeft haar hele leven de smaak van perzik vervelend gevonden, maar deze was echt heel lekker. Zo ziet u maar weer: het kan verkeren. Soms ligt het aan de verwerking van een product of het vol van smaak is of niet is.

De volgende gang is een gestoomde snoekbaarsfilet met ingelegde bloemkool, bloemkoolschuim en linzen. Dit gerecht in combinatie met een droge witte chardonnay/viognier uit Frankrijk, maakt mijn dag. U zou denken dat het niet beter kan. U vergist zich. We gaan verder met een langzaam gegaarde lamsnek met thijmschuim. Een glas overheerlijke rosé uit de Rioja en alles komt bij elkaar. Daarna een gerecht van eendenborst met wortel en parelgort. Ik heb hier een aanvulling op gekozen van een ganzenlevertartaar. Esther niet. Zij eet nu eenmaal iets minder en heeft wat tegen de ganzenlever. De rode wijn bij dit gericht (een Pinot noir van het wijnhuis Louis Latour van zijn wijngaard in de Ardèche) was alleen al een reden om te gaan ervaren hoe de smaak van het eten versterkt kan worden door datgene dat je er bij drinkt. Tip: De wijn is te koop bij wijnhuis Jos Beeres in Groningen, maar is niet de goedkoopste in zijn winkel.

Een grand dessert maakt een einde aan dit bacchanaal. We sluiten bijna af met polderkoninkjes, aardbeien uit de polder, een pannacotta met bitterlikeur en lavendelijs met honing en gember. Hierbij een glas zoete dessertwijn, een tokaj. En om het af te sluiten een kopje espresso met bonbons en Drambuie. De bonbons bij de koffie zijn zeer verschillend van smaak. Esther vindt de eerste (truffel met een likeur) vies, terwijl ik die om te zoenen vind en ik wil de tweede wel uitspugen, terwijl Esther enorm van de bonbon met Bergamot en Aloë Vera geniet.   De laatste gang ervaren we erg wisselend. Maar ach… zo gaan de dingen nu eenmaal.


Tot later. 

zondag 28 december 2014

Culturele elite

Zo nu en dan gaan mijn lief en ik naar een museum. Vandaag weer eens dicht bij huis: een bezoek aan het Drents Museum in Assen bracht ons bij een tentoonstelling van Fabergé-eieren en kunstwerken van Malevich. Het Drents Museum timmert behoorlijk aan de weg. De laatste jaren zijn er veel wisselende tentoonstellingen geweest en daarnaast worden allerlei activiteiten georganiseerd die met de lopende  expositie  een relatie hebben. U heeft dit al eens kunnen zien in mijn blogpost over Lenin (klik). Vandaag werd er een lezing gehouden met als thema de Fabergé-eieren die geleverd werden aan het Russische hof. In het zelfde verhaal probeerde de museumdocente het leven en het werk van Malevich te verwerken. En dan ook nog de roerige geschiedenis van Rusland aan het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw. Het was een dappere poging, maar om nu aan het einde van het betoog een betere overeenkomst te kunnen geven dan dat de eieren en de kunstwerken beide in het begin van de 20ste eeuw in Rusland werden geproduceerd, is mij niet gelukt.

In de zaal bij de lezing treffen we een gemêleerd gezelschap. Gewone mensen worden afgewisseld met culturele elite. Ja, culturele elite. U vraagt zich ongetwijfeld af hoe je culturele elite herkent. Nou, dat is simpel. Ten eerste (her)kennen zij elkaar.  Dat uit zich in uitspraken als “Zo, jullie ook hier?” en “Ja, wij zijn hier nu voor de derde keer. Om Malevich te doorgronden is dat noodzakelijk.” En wanneer iemand de docente gedecideerd corrigeert, weet je voldoende. Toch?

Overigens kan mijn vrouw de culturele elite ook herkennen aan de kleding, maar hoe ze dat doet weet ik niet.

Wij hebben toch nog iets opgestoken van dit museumbezoek. De kunstwerken van Malevich zijn interessanter om naar te kijken dan dat wij ons hadden voorgesteld. Ondanks de drukte en de hoge graad van culturele elite die in de gangpaden, in de deuropeningen en bij de trapopgangen met elkaar staat te kletsen, en dus de doorgang versperren, hebben wij een leerzame, leuke middag gehad.
Culturele elite? 

Ach. Zo gaan de dingen nu eenmaal.

Geniet u van de foto’s ? 






dinsdag 4 november 2014

Het failliet van de Formule 1?

lk heb u eerder geïnformeerd over het doen en laten van Formule 1-“baas” Bernie Ecclestone. Dit heb ik voor u verpakt in een open brief aan de heer Ecclestone himself. Helaas heeft mijn brief niet geresulteerd in een verlaging van de kijkgelden en een andere, eerlijker verdeling van de sponsorgelden binnen de Formule 1. Het resultaat van het beleid en de werkwijze van Bernie is dat hij er nog rijker van is geworden en er nu drie van de twaalf teams niet meer mee kunnen doen om financiële redenen.
Foto Caterham


Tegenstanders van de autosport gniffelen. Ik heb in gedachten al diverse mensen meesmuilend en/of handenwrijvend zien kijken. Niet lang geleden was de Formule 1 het meest aansprekende onderdeel van de auto- en motorsport ter wereld. Het aantal deelnemers neemt echter elk jaar af, zo lijkt het. Het lijkt er op dat de koningsklasse van de sport het zal moeten gaan stellen met minder deelnemers dan een gemiddeld deelnemersveld van de DNKM (DeutschNiederländisch Kart Meisterschaft)  Wat doet de DNKM dan beter dan de Formule 1? Vraag ik mij af.
Foto DNKM

Ik zal u de details besparen, maar de DNKM heeft de afgelopen 8 jaar een gestaag groeiend deelnemersveld mogen begroeten. De Formule 1 daarentegen zag het aantal deelnemers, het publiek aan de baan én het aantal TV-kijkers afnemen. Hebben de stijgende toegangsprijzen, de wedstrijden op abonnee-TV en de belachelijk hoge deelnamekosten hier iets mee te maken? Heeft het gegeven dat niet eens de helft van het aantal te verrijden wedstrijden binnen Europa wordt verreden, hier iets mee te maken?  Op de kalender prijken steeds meer circuits die meer met geld dan met sportiviteit geassocieerd worden.
Foto Lotus

Ik weet het niet meer. Maar ik vind het jammer dat de Formule 1 steeds minder deelnemers kent, juist nu het kampioenschap zelf ongemeen spannend is. En daar gaat het om, meneer Ecclestone.

Ach  ja, zo gaan de dingen nu eenmaal. Tot later.









Foto Marussia

zaterdag 1 november 2014

Sandra van Nieuwland

Het was gisteren een mooie dag. Eerst mocht ik werken en dat doe ik nog altijd met veel plezier, ondanks dat er minder vrolijke zaken op te merken zijn in een kinderziekenhuis. Het werk maakt mij toevallig wel elke dag een vrolijk mens. Ik betrapte mijzelf er op dat ik zingend de trap afliep. Die constatering heeft mijn hele week goed gemaakt.
Vrolijk kon ik de werkdag afsluiten. Met mijn lief de bus in, waar tot mijn grote verbazing een zitplaats beschikbaar was. Bij thuiskomst eten, opfrissen en omkleden om op tijd in het theater te kunnen zijn. 

Sandra van Nieuwland trad op in onze stad. U weet nog niet van mij dat ik, vanaf de eerste noot die ik deze vrouw hoorde zingen bij The Voice, fan ben. Zij heeft inmiddels twee CD’s uitgegeven en een daarvan is al sinds uitgave in mijn, of moet ik zeggen ons, bezit. Mijn lief is zeker net zo een grote fan. Het concert van Sandra zou om 20.00 uur beginnen en wij wilden echt niet te laat komen. Het theater is (als het tegen zit) tien minuten van ons huis verwijderd, maar  wij zijn ruim drie kwartier voor aanvang al thuis weggegaan om maar niet te laat te komen. Het theater was nog vrijwel leeg toen wij aankwamen. Zo keken wij er naar uit.
Bij het openingsnummer was  het al duidelijk: het belooft een fantastische avond te worden. En dat is ook gebleken. Om een uitdrukking van Chantal Jansen op een andere, positievere manier te gebruiken: “Wat kan die meid zingen.”
Maar zou ik een blog schrijven als er niet iets opmerkelijks zou zijn gebeurd? Nee, dat zou ik niet. Ik ben gekke Henkie niet.  Na afloop van het concert wilde Sandra CD’s verkopen en zelfs signeren. Voor ons een mooie gelegenheid om de CD collectie uit te breiden en daarmee het werk van Sandra compleet te krijgen. Dus wij gaan na afloop van de voorstelling naar de bar om een drankje te halen en rustig af te wachten wanneer de CD verkoop begint. Er was een standje met een aankondiging ingericht waar het signeren en de verkoop zou plaatsvinden. Twee statafels werden opgesteld om de handtekeningen te kunnen plaatsen en de te verkopen CD’s te stallen.
Gezellig in de rij voor..... 

Meteen nadat ik een drankje uit van de barkeeper heb ontvangen, staat een dame van middelbare leeftijd pal voor beide statafels met het gezicht in de plooi en strak gericht naar de foto’s van Sandra. Ze is niet van plan om als tweede een CD te kopen of een handtekening van Sandra te krijgen, nee … ze zal de eerste zijn. Wanneer een persoon achter haar komt staan, groeit de rij langzaam aan. Er staan nu veel mensen in een rij waar niets gebeurt. Alle neuzen staan dezelfde kant op … naar een standje waar dus niets gebeurt. En dat is een heel vreemd gezicht. Hilarisch.
Wanneer Sandra zich, al na tien minuten na de laatste toegift, meldt bij de statafels, drommen de mensen op haar af. Grappig om te zien. De vrouw vooraan is inderdaad als eerste aan de beurt en loopt binnen een paar seconden weg  met de felbegeerde gesigneerde CD. Wij wachten rustig een minuut of tien en als de rij bijna verdwenen is, koop ik een CD waar desgevraagd een handtekening op wordt gezet. Geen stress. 

Ik kan het niet laten om Sandra een compliment te maken. Even geduldig wachten geeft je de mogelijkheid even te kletsen met Sandra.
Sandra en ik spreken af dat we onze levensverhalen op een later moment uitwisselen. Wanneer dat zal zijn, weet niemand. Maar goed, zo gaan de dingen nu eenmaal.

Tot later

zondag 28 september 2014

Open brief naar het ministerie van infrastructuur en milieu

Geachte minister,

Ik verbaas mij. En dat doe ik niet voor het eerst. Gelukkig heb ik een talent om mijzelf bijna dagelijks over het een of ander te verwonderen. Een van de zaken waarover ik mateloos verbaasd ben, is dat het kennelijk is toegestaan personen staand in een voertuig te vervoeren, zonder gordels en met een snelheid tot honderd kilometer per uur.
Als Koos Spee nog verkeersofficier van het ministerie zou zijn, zou hij van schrik op zijn bureaustoel met wielen ver boven de maximumsnelheid door de gangen van het ministerie racen. Zijn opvolger, zo die er al is of wiens naam mij even ontschoten is,  zou met directe ingang in actie moeten komen.
We weten allemaal dat je verplicht bent om een veiligheidsgordel te dragen als bestuurder of meerijder in een auto. Daarbij maakt het niet uit of je op de voor- of achterbank zit. En ik zeg bewust zit, want wanneer een kind los op de achterbank van een auto speelt, lijkt dat tegenwoordig al bijna misdadig (hoewel ik het nog vaak zie, helaas). Waarom mogen zowel kinderen als volwassenen dan wel in een lijndienstbus met een snelheid van 80 of meer kilometer per uur lopen, staan, sms-en en tikkertje spelen in een bus op de snelweg? Bij een eventuele aanrijding zou het leed niet te overzien zijn. En wanneer een politieagent een controle zou houden op het dragen van een gordel, zou de staat een enorm bedrag aan boetes uit een bus kunnen halen. In de bussen waar ik met enige regelmaat in vertoef, zitten/staan gemiddeld 75 mensen. Niet een van hen draagt een gordel, niet een van hen heeft zelfs de mogelijkheid een gordel te dragen.
Nee, ik ben niet zuur of iets dergelijks en ik ben ook zeker geen zwartkijker of regelneef. Ik ben er geen voorstander van dat alles in dit land geregeld en dichtgetimmerd moet zijn. Ik heb een gezonde aversie tegen het claimgedrag, zoals we dat in de Verenigde Staten kennen. Als het mis zou gaan met een bus waar geen gordels in zitten, en ik zou erin zitten, dan loopt de busmaatschappij  weinig kans om door mij aangeklaagd te worden vanwege het ontbreken van die gordels. Maar ik vind het wel de moeite waard om aan te geven dat er risico’s zijn verbonden aan het vervoeren van mensen die rechtop staan in een bus, of zonder gordel zitten. Er is alleen een voorruit als object om tegen aan te vallen als de bus plotseling hard moet remmen of in het ergste geval tegen een stilstaand object aan rijdt. Kijk eens in zo’n bus en stelt u zich voor dat die bus een noodstop maakt…
Beste, lieve, knappe Melanie Schultz van Haegen-Maas enzovoort. Ik vraag het niet graag, maar ik denk dat ik nu wel even moet: “Kunt u ervoor zorgen dat alle mensen in bussen op de wegen in dit land minder risico lopen en niet meer staand, als ware het veevervoer, over ’s heren wegen vervoerd mogen worden?” Wanneer het u niet mocht lukken onder economische druk van de vervoersmaatschappijen, moeten we samen even om de tafel om een strategie te bedenken voor de juiste aanpak. Daarvoor heb ik namelijk wel een paar goede ideeën. 
Wanneer we dan een keer afspreken om samen Nederland een beetje veiliger te maken, vrees ik dat we ook samen een drankje moeten drinken en proosten op uw en mijn gezondheid. Want het is niet anders. U bent ook gewoon een leuk mens om even een drankje mee te doen, denk ik. Ik heb mijn ogen ook niet in de zak zitten.


Tja, zo gaan de dingen nu eenmaal. Tot later.